Koningsdag pulled pork broodjes
Oranje rub, rook en sappige pulled pork voor een koninklijke BBQ
Waarom pulled pork perfect is voor Koningsdag
Koningsdag vraagt om eten dat je makkelijk deelt. Pulled pork is daar ideaal voor: je maakt één groot stuk vlees, trekt het los en serveert het op zachte broodjes. Zet er wat coleslaw, BBQ-saus en augurk bij en iedereen bouwt zijn eigen broodje.
Voor deze Koningsdag-variant geven we het vlees een warme, oranje BBQ-rub met paprikapoeder, bruine suiker en een beetje pit. Niet te ingewikkeld, wel feestelijk. Precies goed voor een dag met vrienden, bier, zon en rook uit de smoker.
De procureur voorbereiden
Gebruik een mooie procureur van 2,5 tot 3,5 kilo. Dep het vlees droog met keukenpapier en verwijder losse stukjes vet of harde randjes. Laat het vet dat mooi vastzit gewoon zitten, dat helpt tijdens de lange bereiding.
Smeer de procureur dun in met mosterd of olie. Dit proef je later nauwelijks terug, maar het zorgt ervoor dat de rub goed blijft plakken. Breng daarna royaal je kruidenrub aan. Voor een extra Koningsdag-gevoel gebruik je een rub met veel paprikapoeder, gerookt paprikapoeder en een vleugje cayenne.
BBQ instellen voor low & slow
Stel je BBQ of smoker in op indirecte hitte tussen de 110 en 120°C. Gebruik rookhout dat goed past bij varkensvlees, zoals appel, kers of eik. Appel en kers geven een iets zachtere rook en passen goed bij de zoete rub.
Laat de temperatuur stabiel worden voordat je het vlees erop legt. Bij pulled pork is rust belangrijker dan haast. Een stabiele BBQ geeft een mooier resultaat dan steeds corrigeren.
Pulled pork garen op de smoker
Leg de procureur op het rooster en sluit de BBQ. Laat het vlees de eerste uren met rust. In deze fase neemt het vlees rook op en vormt zich langzaam een donkere, kruidige bark.
Na ongeveer 4 tot 5 uur zit je meestal rond een kerntemperatuur van 65 tot 70°C. De bark moet dan stevig aanvoelen en niet meer nat zijn. Is dat zo, dan kun je het vlees inpakken.
Inpakken voor sappig vlees
Pak de procureur strak in met butcher paper of aluminiumfolie. Voeg eventueel een klein beetje appelsap, boter of BBQ-saus toe voor extra sappigheid. Leg het vlees daarna terug op de BBQ en gaar verder tot ongeveer 92 tot 96°C kerntemperatuur.
De exacte temperatuur is minder belangrijk dan het gevoel. Prik met een thermometer of satéprikker in het vlees. Glijdt die er zonder weerstand in, dan is je pulled pork klaar.
Rusten en pullen
Laat de procureur minimaal 45 minuten rusten. Langer mag ook. Wikkel het vlees in een handdoek en leg het in een koelbox of oven op lage temperatuur. Door het rusten verdelen de sappen zich beter en wordt het vlees makkelijker te pullen.
Trek het vlees daarna uit elkaar met je handen of meat claws. Meng wat van het vocht uit de folie terug door het vlees. Proef en voeg eventueel extra rub of BBQ-saus toe.
Serveren als Koningsdag broodje
Serveer de pulled pork op zachte witte broodjes of brioche buns. Maak het af met coleslaw, augurk, jalapeño en een lik BBQ-saus. Voor een extra oranje touch kun je wortel door je coleslaw doen of een saus gebruiken met paprika en een beetje chili.
Zet alles op tafel en laat iedereen zelf bouwen. Dat past perfect bij Koningsdag: makkelijk, gezellig en genoeg voor een groep.
Tip voor voorbereiding
Wil je op Koningsdag zelf minder stress? Maak de pulled pork een dag eerder klaar. Bewaar het vlees met wat vocht in de koelkast en warm het rustig op in een pan, oven of aluminium schaal op de BBQ. Zo hoef je op de dag zelf alleen nog broodjes te bouwen en te genieten.